| Selectie | Groothandel in overige akkerbouw | Groothandel in ruwe oliën, vetten |
|---|---|---|
| Alle bedrijven | 165 | 145 |
| Meer dan één werkzaam persoon (totaal min solo) | 50 | 55 |
| 2–4 werkzame personen | 35 | 35 |
| 5–9 werkzame personen | 10 | 5 |
| 10 of meer werkzame personen (som klassen) | 10 | 20 |
Bron CBS, StatLine 81589NED, SBI 2008. Een Nederlands bedrijf kan meerdere vestigingen omvatten. Percentages en grenzen zijn benaderingen op afgeronde aantallen. Januari 2024 is definitief, 2025 nader voorlopig en 2026 voorlopig. De vergelijkingsbranches zijn niet opgeteld.
Werk van een brede markt naar een specifieke groepsgrootte
Gebruik je alle bedrijven met meer dan één werkzaam persoon, dan levert totaal minus solo circa 50 op voor groothandel in overige akkerbouw. Beperk je het tot twee tot en met vier personen, dan tel je de categorieën van twee en van drie of vier bij elkaar. Het resultaat is circa 35. Voor bedrijven met minstens tien werkzame personen tellen de vier grootste klassen samen bij benadering 10. Elk getal past bij een ander gesprek. Voor begeleiding van een artikel dat retour komt bij een duo kan het nodig zijn dat beide personen beschikbaar zijn. Een grotere organisatie kan zo’n taak bij een aparte functie neerleggen.
Wat verandert wanneer je dezelfde doelgroep elders zoekt?
Bij groothandel in ruwe oliën, vetten levert de telling 55 bedrijven met meer dan één persoon en 20 met ten minste tien personen op. Die laatste categorie is ongeveer 13,8% van de tweede branche. Bij groothandel in overige akkerbouw gaat het om circa 6,1%. Bespreek met een mogelijke gebruiker wie de overdracht daadwerkelijk organiseert. Als meerdere vestigingen één planner delen, blijven het voor de verkoop mogelijk één beslissing en één contactpersoon. Het bedrijfsaantal van 165 is daarom geen lijst beschikbare kopers of franchisenemers.
Welke vergelijkingsbranche ligt het dichtst bij groothandel in overige akkerbouw?
De vergelijking draait om de maatstaf ‘aandeel van bedrijven met minstens tien werkzame personen’. Hiervoor staan 6 activiteiten uit hoofdtak 46 naast elkaar. Het laagste resultaat komt voor rekening van groothandel in hooi en ruwvoeder (5,3%), het hoogste voor groothandel in zaden (16,7%). Bij 1 van de onderzochte activiteiten ligt de waarde lager dan 6,1% en bij 4 hoger. Met 5,3% komt groothandel in hooi en ruwvoeder het meest in de buurt van groothandel in overige akkerbouw. Kies je uitsluitend op het totale bedrijfsaantal, dan kom je uit bij groothandel in ruwe oliën, vetten met 145 bedrijven. Selecteer je op de gemeten verdeling, dan is groothandel in hooi en ruwvoeder met 5,3% de nadere vergelijking.
Wat veranderde er tussen januari 2020 en januari 2022?
Binnen de geselecteerde januarimetingen lag de sterkste verschuiving per jaar voor SBI 46219 tussen januari 2020 en januari 2022. De uitkomst ging van 10% naar 6,1%. Over 2 jaar is het verschil -3,9 procentpunt, of gemiddeld -2 procentpunt per jaar. Bij groothandel in ruwe oliën, vetten ging dezelfde maatstaf over die twee peildata van 9,5% naar 15,4%. De telling van bedrijven met minstens tien werkzame personen bleef tussen oktober 2025 en oktober 2026 afgerond op 10. Tegelijk ging het totaal van 160 naar 165. Een wijzigend aandeel kan dus ook uit de omvang van de overige groepen komen.
Als je bij groothandel in overige akkerbouw een dienst voor planners test, vraag dan wie bij een klant die tijdens het afleveren terugbelt de knoop doorhakt. Een grotere ploeg in groothandel in hooi en ruwvoeder kan de planning centraal laten doen. Registreer bij het eerste gesprek of de aankoopbeslissing op locatie valt. Een tweede verkooppunt van hetzelfde bedrijf verhoogt dan het aantal mogelijke gebruikers zonder dat je vanzelf een tweede opdrachtgever hebt.




