| Selectie | Warenhuizen | Winkels in non-food algemeen |
|---|---|---|
| Alle bedrijven | 120 | 465 |
| Meer dan één werkzaam persoon (totaal min solo) | 105 | 130 |
| 2–4 werkzame personen | 20 | 85 |
| 5–9 werkzame personen | 10 | 20 |
| 10 of meer werkzame personen (som klassen) | 65 | 25 |
Bron CBS, StatLine 81589NED, SBI 2008. Een Nederlands bedrijf kan meerdere vestigingen omvatten. Percentages en grenzen zijn benaderingen op afgeronde aantallen. Januari 2024 is definitief, 2025 nader voorlopig en 2026 voorlopig. De vergelijkingsbranches zijn niet opgeteld.
Werk van een brede markt naar een specifieke groepsgrootte
Gebruik je alle bedrijven met meer dan één werkzaam persoon, dan levert totaal minus solo circa 105 op voor warenhuizen. Beperk je het tot twee tot en met vier personen, dan tel je de categorieën van twee en van drie of vier bij elkaar. Het resultaat is circa 20. Voor bedrijven met minstens tien werkzame personen tellen de vier grootste klassen samen bij benadering 65. Elk getal past bij een ander gesprek. Voor begeleiding van een artikel dat retour komt bij een duo kan het nodig zijn dat beide personen beschikbaar zijn. Een grotere organisatie kan zo’n taak bij een aparte functie neerleggen.
Wat verandert wanneer je dezelfde doelgroep elders zoekt?
Bij winkels in non-food algemeen levert de telling 130 bedrijven met meer dan één persoon en 25 met ten minste tien personen op. Die laatste categorie is ongeveer 5,4% van de tweede branche. Bij warenhuizen gaat het om circa 54,2%. Bespreek met een mogelijke gebruiker wie de overdracht daadwerkelijk organiseert. Als meerdere vestigingen één planner delen, blijven het voor de verkoop mogelijk één beslissing en één contactpersoon. Het bedrijfsaantal van 120 is daarom geen lijst beschikbare kopers of franchisenemers.
Welke vergelijkingsbranche ligt het dichtst bij warenhuizen?
De vergelijking draait om de maatstaf ‘aandeel van bedrijven met minstens tien werkzame personen’. Hiervoor staan 6 activiteiten uit hoofdtak 47 naast elkaar. Het laagste resultaat komt voor rekening van winkels in kledingstoffen (0%), het hoogste voor warenhuizen (54,2%). Warenhuizen ligt met 54,2% aan de bovenkant van deze vergelijking. De meest nabije uitkomst is 5,4% bij winkels in non-food algemeen. Kies je uitsluitend op het totale bedrijfsaantal, dan kom je uit bij winkels in huishoudtextiel met 125 bedrijven. Selecteer je op de gemeten verdeling, dan is winkels in non-food algemeen met 5,4% de nadere vergelijking.
Wat veranderde er tussen januari 2020 en januari 2022?
Binnen de geselecteerde januarimetingen lag de sterkste verschuiving per jaar voor SBI 47191 tussen januari 2020 en januari 2022. De uitkomst ging van 60% naar 52%. Over 2 jaar is het verschil -8 procentpunt, of gemiddeld -4 procentpunt per jaar. Bij winkels in non-food algemeen ging dezelfde maatstaf over die twee peildata van 4,4% naar 4,8%. De verandering van het totaal tussen oktober 2025 en oktober 2026 bedroeg -5 bedrijven. De telling van bedrijven met minstens tien werkzame personen verschoof tegelijkertijd met -5. Daardoor veranderde de gekozen maatstaf van 56% naar 54,2%.
Als je bij warenhuizen een dienst voor planners test, vraag dan wie bij een klant die tijdens het afleveren terugbelt de knoop doorhakt. Een grotere ploeg in winkels in non-food algemeen kan de planning centraal laten doen. Registreer bij het eerste gesprek of de aankoopbeslissing op locatie valt. Een tweede verkooppunt van hetzelfde bedrijf verhoogt dan het aantal mogelijke gebruikers zonder dat je vanzelf een tweede opdrachtgever hebt.




